Een stap vooruit met Herman Scholte

Marenland wil in de beleidsperiode 2015 – 2019 flinke stappen zetten in uitdagend onderwijs, ouderbetrokkenheid, ondernemerschap en professionalisering. Hoe wordt daar vorm aan gegeven? In ieder Marenlandbulletin een medewerker aan het woord.

 

 

Waar werk je en wat is je functie?
Ik werk op het kwaliteitsbureau van Marenland. Bijna twintig jaar ben ik directeur geweest van obs Tasveld in Delfzijl en in die periode heb ik ook op twee scholen een korte periode als interim-directeur gewerkt. Dat was op De Viking (nu Kindcentrum Noord) en op de Beatrixschool/Wilgenstee. Daarvoor was ik leerkracht/adjunct op De Garven. 1 februari 2018 ben ik met pensioen gegaan.

Viereneenhalf jaar geleden ben ik korter gaan werken en overgestapt naar het toenmalige Stagebureau van Marenland, nadat Siemon Niehof directeur werd op de Jan Ligthartschool in Appingedam. Toto Kellner en Siemon Niehof hadden het Stagebureau samen vormgegeven en daar vanaf 2008 al een stevige structuur voor neergezet. Ik heb het voorrecht gehad daar vanaf 2013 met mijn grote kameraad en supercollega Toto verder vorm aan te mogen geven. We hebben er in eerste instantie een Stage- en Opleidingsbureau van gemaakt om het vervolgens te ontwikkelen naar een Kwaliteitsbureau (onze huidige naam). Veel ging (en gaat) daarbij steeds in overleg en in samenwerking met José van Zuylen en Leonie Korteweg.

Het organiseren van stages voor alle Marenlandscholen maakt nog steeds deel uit van onze werkzaamheden, maar begeleiding/opleiding (stimuleren van de ontwikkeling) slokt het grootste deel van onze tijd op. Wat doen we zoal?
– Begeleiding van schoolteams bij het verbeteren van het didactisch handelen door het geven van cursussen leerkrachtvaardigheden.
– Voorbereiden en uitvoeren van audits op onze scholen.
– Het begeleiden van talentvolle leerkrachten. Vanaf 2016/2017 hebben we in opdracht van de algemene directie een traject opgestart om voor talentvolle leerkrachten voorwaarden te scheppen om hun talenten verder te ontwikkelen. Die kunnen vervolgens worden ingezet voor de school of de organisatie.
– Ondersteunen van scholen bij het voorbereiden van een inspectiebezoek.
– Volgen/beoordelen, begeleiden, ondersteunen, coachen en supervisie van leerkrachten: startende leerkrachten, flexpoolers, invallers, leerkrachten die hulp willen of nodig hebben.

Bij al deze werkzaamheden was José van Zuylen de spin in het web. Zij coördineerde alles.

We zijn de afgelopen jaren op alle scholen geweest, in veel klaslokalen en bij veel leerkrachten. We hebben honderden lessen gezien. We hopen daarbij een steentje te hebben bijgedragen aan nog betere leerkrachten.

We hebben ook steeds geprobeerd onszelf te blijven ontwikkelen om alles goed en duidelijk te kunnen overbrengen aan iedereen. In het belang van kwalitatief goed onderwijs. We moeten ervoor zorgen dat onvoldoendes voor het onderdeel didactisch handelen niet meer gaan voorkomen op onze scholen. Dat is voor ons een belangrijke drijfveer.

Mark van der Made, tot voor kort directeur van de Togtemaarschool in Bedum, was het laatste jaar al bij het Kwaliteitsbureau betrokken (als supervisor) en wordt nu, zoals hij het zelf zegt, de nieuwe Herman. Mark en Toto gaan, in voortdurend overleg met Leonie Korteweg en José van Zuylen, verder vormgeven aan het Kwaliteitsteam.

Met welk thema uit het strategisch beleidsplan houd jij je veel bezig?

Gelukkig is deze vraag geformuleerd in de tegenwoordige tijd. Ondanks dat ik per 1 februari met pensioen ben gegaan, zal ik me met professionalisering en alles wat daar mee te maken heeft, bezig blijven houden. Uiteraard ben ik geïnteresseerd in alle thema’s van het strategisch beleidsplan, maar in professionalisering het meest. Daarom heb ik binnen het directeurenoverleg ook bewust gekozen voor dit thema, toen we een aantal jaren geleden werkgroepen hebben gevormd.
“We willen als Marenland graag dat onze kinderen worden begeleid door bekwame en gemotiveerde professionals.” (Strategisch beleidsplan 2015-2019)

Het gaat dan volgens mij vooral om de volgende zaken:
– Een professionele houding bij onze medewerkers. Niet alleen heel goed en effectief kunnen lesgeven, maar je ook telkenmale afvragen: wat doe ik goed en wat kan ik nog beter? Hoe kan ik me (verder) ontwikkelen? Hoe ontwikkel ik mijn talent? Hoe blijf ik positief en voorkom ik dat ik een klager word (met alle gevaar voor selffulfilling prophecy)?
– Het gaat om professionele communicatie. Rationeel en doordacht kunnen communiceren met je collega’s, leidinggevenden, ouders, leerlingen et cetera.
– Hoge verwachtingen hebben van wat de leerlingen kunnen, maar vooral wat je zelf als leerkracht kunt doen en bewerkstelligen zijn daarbij van groot belang. De leerkracht maakt immers het verschil! Ik ben er heilig van overtuigd dat onderwijsgevenden in staat zijn hun klassen op hogere niveaus te kunnen brengen. Uit onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat zwakke lezers het bij goede leerkrachten net zo goed doen als gemiddelde lezers bij zwakke leerkrachten. De leerkracht doet er dus toe.

Hoe doe je dat en wat levert het op?

Het gaat om het goed begeleiden van het primaire proces door de directeur, de intern begeleider, de algemene directie en het kwaliteitsteam. We moeten ons steeds blijven afvragen: wat is effectief en wat niet? Het gaat om het voortdurend jezelf blijven ontwikkelen, als leerkracht en ook als schoolteam. Dus ook op de hoogte blijven van alle ontwikkelingen, met name van wat allemaal echt werkt en wat niet (wat zeggen bijvoorbeeld John Hattie in Visible Learning en Robert Marzano in Wat werkt in de klas / Wat werkt op school). Ik maak zelf veel gebruik van bijvoorbeeld Twitter om voor het onderwijs relevante personen te volgen. Zij verwijzen dikwijls naar zeer interessante artikelen en/of boeken. Of vertellen over eigen ervaringen en laten mooie voorbeelden zien van hoe je iets kunt aanpakken.

Als we het hebben over effectief onderwijzen, denk ik dat elke leerkracht daartoe in staat is. Ik heb wat dat betreft hoge verwachtingen. Elke leerkracht kan doelgericht lesgeven, via veel interactie (ook tussen leerlingen) de leerlingbetrokkenheid vergroten, differentiëren, duidelijke feedback geven, voortdurend controleren of de leerlingen alles begrijpen, en een goede stapsgewijze instructie geven. De kracht van de laatste is enorm! De onderwijsvernieuwing die echt werkt is dan ook “vernieuwd klassikaal onderwijs” (via expliciete directe instructie). Deze vergroot de kansen voor alle leerlingen in het onderwijs.

Ideeën op dit gebied?

Meer praten met elkaar over wat echt werkt, wat effectief is. Naar aanleiding van het bovenstaande, wil ik een aantal prikkelende quotes/stellingen aanhalen. Eventueel zouden deze gebruikt kunnen worden om discussie binnen de scholen en/of directieoverleg verder op gang te brengen.
– De keuze om leerlingen gestructureerd te laten leren of bij toeval wat informatie te laten opsteken is eigenlijk geen keuze. Zelfontdekkend leren vergroot de schoolkansenongelijkheid. https://www.klasse.be/126777/directe-instructie-of-zelfontdekkend-leren/
– Voor leerlingen die het moeilijk vinden, moeten doelen niet worden verlaagd, maar moet instructie worden geïntensiveerd. Tweet van 15 januari 2018 van Passend Onderwijs
– Bij een goede leerkracht gaan leerlingen in één schooljaar 1,5 jaar vooruit.
http://hanushek.stanford.edu/opinions/students-first-why-effective-teacher-matters-q-eric-hanushek
– De leerkracht maakt het verschil: goede leerkrachten maken van een zwakke school een succesvolle school.
– Wachten tot een kind ‘eraan toe is’ getuigt van het hebben van lage verwachtingen. Marcel Schmeier – tweet 20/11-2017 https://youtu.be/SoWJoMM6PRs
– Scholen kiezen nog weleens voor een onderwijsconcept om zich te profileren, maar vragen zich onvoldoende af of dit concept ook echt werkt.
– De hedendaagse trend van geïndividualiseerd leren miskent fundamenteel het sociale aspect van onderwijs. Wim van den Broeck (onderwijspsycholoog) – 22/8/2017- Twitter
– John Hattie: “Goede eindresultaten zijn geen maatstaf voor succes, de vooruitgang die leerlingen boeken wel. Er zijn scholen met veel kansarme kinderen die hun leerlingen sterk laten groeien. Dat zijn de goede scholen, ook al halen ze niet de beste eindresultaten. Scholen met hoogpresterende leerlingen, die hen niet laten groeien, zijn vreselijke scholen. Zij brengen schade toe aan de leerlingen. Leraren worden aangeworven om ‘waarde’ toe te voegen, om leerlingen te laten groeien. Elk kind heeft daar recht op!” (november 2017)
Voor wat betreft de laatste stelling zou ik graag zien dat we op onze scholen nog beter de groei van de leerlingen in kaart kunnen brengen om op basis daarvan tot uitspraken te komen over kwaliteit.

Tot slot wil ik al onze leerkrachten aanraden de volgende boeken te lezen en daaruit veel te gaan toepassen, omdat je daardoor echt je onderwijs nog verder kan verbeteren:
– Marcel Schmeier, Expliciete Directe Instructie (op bijna alle scholen van ons al in gebruik!)
– Allisson/Thorby, Elke les telt (6 principes voor effectief leren en lesgeven)
– Marcel Schmeier, Effectief rekenonderwijs

Wie schrijft de volgende ‘Een stap vooruit ..’? Waarom?

We hebben ons kantoor op De Garven in Delfzijl. Afgelopen november is op die school Marcelle Zuur benoemd als teamleider. Een jonge en enthousiaste collega. Ik ben erg benieuwd hoe zij tegen onderwijs aankijkt, wat haar visie is, wat haar ambities zijn en waar ze met de school naar toe zou willen. Wellicht dat zij haar licht ook zou kunnen laten schijnen op een of meerdere hierboven genoemde stellingen.